Veel mensen weten precies hoeveel vakantiedagen ze nog hebben, maar geen idee hoeveel pensioen ze aan het opbouwen zijn. Dat is niet gek. Pensioen voelt als iets voor later, tot het plotseling dichterbij komt: een nieuwe baan, een eigen bedrijf, of gewoon de vraag hoe het er over twintig jaar financieel uitziet. Wie dan voor het eerst induikt, ontdekt dat pensioen in Nederland uit meerdere lagen bestaat die niet automatisch op elkaar aansluiten.
Pensioen bestaat uit meer lagen dan de meeste mensen beseffen
Het Nederlandse pensioenstelsel rust op drie pijlers, en elke pijler werkt anders.
De AOW, de basisuitkering van de overheid, afhankelijk van het aantal jaren dat je in Nederland hebt gewoond of gewerkt.
Het pensioen via de werkgever, opgebouwd bij het pensioenfonds of de verzekeraar waarbij de werkgever is aangesloten.
Eigen aanvullingen, zoals sparen of een lijfrente, voor wie meer overzicht of extra inkomen wil opbouwen.
De premie voor het werkgeverspensioen ligt in Nederland gemiddeld rond de vijftien procent van het brutosalaris, verdeeld tussen werkgever en werknemer. Wie van baan wisselt, laat vaak zonder het te merken een stukje opbouw achter bij een vorig fonds. Na een paar keer wisselen van werkgever weet bijna niemand nog uit zijn hoofd bij hoeveel fondsen er iets staat, en dat maakt het lastig om een compleet beeld te krijgen van wat er straks daadwerkelijk binnenkomt.
De knoop tussen kosten en overzicht
Tot 2013 was moeilijk te achterhalen wat financieel advies eigenlijk kostte. Adviseurs ontvingen destijds provisie van de aanbieder van het product, verwerkt in de premie, waardoor klanten zelden een rekening onder ogen kregen. Sinds het provisieverbod van 2013 is dat veranderd. Wie nu voor pensioenadvies kiest, betaalt de adviseur rechtstreeks, op basis van een uurtarief of een vast pakket.
Die duidelijkheid roept meteen een nieuwe vraag op. Op de pagina wat zijn de kosten van pensioenadvies wordt dat onderscheid helder uitgelegd, inclusief het verschil tussen een los uurtje en een compleet adviestraject. Wat het oplevert, wordt vaak onderschat: inzicht in wat er netto overblijft, het voorkomen van een naheffing achteraf en een realistisch beeld van het moment waarop stoppen met werken haalbaar is. Bij een eenvoudige vraag over één pensioenoverzicht blijven de kosten meestal beperkt, terwijl een dossier met meerdere fondsen en een lijfrente logischerwijs meer tijd vraagt.
Een adviseur die de regio kent, maakt vaak het verschil
Pensioenadvies gaat niet alleen over rekenmodellen, het gaat ook over vertrouwen. Een adviseur die de regionale arbeidsmarkt kent, snapt sneller wat er speelt bij een kleine werkgever met vijf man personeel of bij een zzp’er die net voor zichzelf is begonnen. Voor wie in het noorden van het land woont, biedt pensioenadviseur KPRA in Groningen die combinatie van persoonlijk contact en lokale kennis, zonder dat elk gesprek meteen een dag reistijd kost.
Bij KPRA merken adviseurs dat mensen vaak pas een gesprek plannen nadat er iets is veranderd: een nieuwe baan, een naderend pensioen of een lijfrente die vrijkomt. Een vast aanspreekpunt in de buurt maakt die stap kleiner, simpelweg omdat je iemand belt die de situatie al kent en niet steeds opnieuw het hele verhaal moet uitleggen.
Een eerste overzicht is zo gemaakt
Wie na het lezen van dit stuk toch nieuwsgierig is naar de eigen situatie, hoeft niet meteen een adviesgesprek te plannen. Een eerste overzicht via mijnpensioenoverzicht.nl geeft al een globaal beeld van wat er is opgebouwd bij verschillende fondsen, inclusief de AOW-uitkering die daar automatisch bij wordt getoond. Pas als dat overzicht vragen oproept waarop je zelf geen antwoord vindt, wordt professioneel advies interessant. Op dat moment weeg je niet meer de kosten af tegen het gemak van niets doen, maar de kosten tegen de rust die het geeft om precies te weten waar je aan toe bent, nu en op het moment dat je daadwerkelijk stopt met werken.
